
Studentenarbeid 2026: regels 650 uren en voorwaarden
Je zoekt extra personeel voor de zomer. Of je zoon of dochter wil eindelijk wat bijverdienen. Studentenarbeid lijkt de perfecte oplossing: goedkoper dan een gewone werknemer, flexibel inzetbaar, en de student houdt meer netto over. Maar hoe zit het precies met die 650 uren? Wanneer betaal je plots de volle pot RSZ? En blijft je kind nog ten laste?
Dit artikel geeft je alles wat je moet weten over studentenarbeid 2026. Geen juridisch gewauwel, wel praktische info die je direct kunt toepassen.
Wat is studentenarbeid precies?
Studentenarbeid is werk dat een student verricht op basis van een studentenovereenkomst. Het grote voordeel? Zowel werkgever als student betalen een stuk minder sociale bijdragen dan bij gewone arbeid. In plaats van de gebruikelijke RSZ-bijdragen betaal je enkel een solidariteitsbijdrage.
Maar niet iedereen die studeert mag zomaar werken als student. De wet stelt voorwaarden aan wie dit statuut mag gebruiken.
Een studentenovereenkomst kan je afsluiten met iemand die:
- Minstens 15 jaar oud is en niet meer voltijds leerplichtig (dus het tweede middelbaar heeft gevolgd, of 16 jaar is)
- Ingeschreven is als student in het onderwijs
- Studeren als hoofdactiviteit heeft, niet werken
Afgestudeerden of studenten die enkel avondonderwijs volgen? Die komen in principe niet in aanmerking. De FOD Werkgelegenheid controleert of het statuut correct wordt toegepast.
Het 650 uren contingent in 2026
Dit is het kernpunt. Sinds 1 januari 2025 mag een student 650 uren per kalenderjaar werken aan de voordelige solidariteitsbijdrage. Die grens was jarenlang 475 uren, werd tijdelijk opgetrokken naar 600 uren, en is nu definitief vastgelegd op 650 uren.
Wat betekent dit concreet?
- 650 uren per kalenderjaar, niet per academiejaar
- De teller start elk jaar op 1 januari weer op 0
- Alle werkgevers samen tellen mee - werk je bij meerdere werkgevers, dan tellen alle uren op
Na meer dan 15 jaar in Belgische payroll zien we dat de meeste studenten ruim binnen hun contingent blijven. Maar wie fulltime werkt tijdens de zomer en ook in het weekend bijklust, kan sneller aan die 650 uren zitten dan verwacht. Reken maar uit: acht uur per dag, vijf dagen per week, acht weken zomervakantie. Dat is al 320 uren.
De solidariteitsbijdrage: wat betaal je precies?
De reden waarom studentenarbeid zo populair is bij werkgevers? De lage sociale bijdragen.
Solidariteitsbijdrage 2026:
- Werkgeversbijdrage: 5,42%
- Werknemersbijdrage (student): 2,71%
- Totaal: 8,13%
In het eerste en tweede kwartaal komt daar nog 0,01% bij voor het Asbestfonds. Verwaarloosbaar.
Ter vergelijking: bij een gewone werknemer betaal je als werkgever ongeveer 25% RSZ-bijdragen, en de werknemer houdt 13,07% in. Het verschil is enorm.
Een rekenvoorbeeld:
Stel, je betaalt een student een brutoloon van 1.500 euro voor een maand zomerwerk.
| Student (solidariteitsbijdrage) | Gewone werknemer | |
|---|---|---|
| Brutoloon | 1.500 euro | 1.500 euro |
| Werkgeversbijdrage | 81,30 euro (5,42%) | 375 euro (25%) |
| Inhouding werknemer | 40,65 euro (2,71%) | 196,05 euro (13,07%) |
| Netto voor werknemer | ca. 1.459 euro | ca. 1.304 euro |
De student houdt meer over, en jij betaalt minder. Win-win, zolang je binnen de regels blijft.
Student@work: zo check je het resterende contingent
Hoeveel uren heeft jouw student nog over? Dat check je via Student@work, de officiële tool van de RSZ.
Voor de student:
- Ga naar studentatwork.be of download de gratis app
- Log in met eID of itsme
- Je ziet direct hoeveel uren je nog kunt werken aan het voordelige tarief
Voor de werkgever:
Je kunt de student vragen om een attest aan te maken via de app. Zo weet je zeker dat er nog voldoende uren beschikbaar zijn voordat je iemand aanneemt.
Dit is geen formaliteit. Als je een student inzet die al door zijn contingent heen is, betaal je de volle RSZ-bijdragen. Zonde, want dat had je kunnen voorkomen.
Het studentencontract: verplichte vermeldingen
Een studentenovereenkomst moet altijd schriftelijk worden opgesteld. Geen mondeling akkoord, geen sms-je. De wet schrijft voor dat je het contract opstelt in twee exemplaren, ondertekend voordat de student begint te werken.
Verplichte vermeldingen in het contract:
- Identiteit van werkgever en student
- Begin- en einddatum van de overeenkomst
- Plaats van tewerkstelling
- Beknopte functieomschrijving
- Arbeidsduur per dag en per week
- Toepasselijk loon of verwijzing naar barema
- Tijdstip van uitbetaling
- Proefperiode (zie hieronder)
- Begin en einde van de werkdag, rusttijden, werkdagen
Dat zijn negen verplichte elementen. Vergeet je er een, dan kan dat vervelende gevolgen hebben.
Sancties bij ontbreken:
Geen schriftelijk contract? Dan kan de student de overeenkomst op elk moment beëindigen zonder opzegtermijn of vergoeding. Bovendien riskeer je problemen met de RSZ-aangifte.
Bij Umeris stellen we dagelijks studentencontracten op. We zien regelmatig dat bedrijven de verplichte vermeldingen vergeten of het contract pas na de eerste werkdag ondertekenen. Dat zijn risico's die je makkelijk vermijdt met de juiste templates.
Dimona STU: de verplichte RSZ-aangifte
Hier wordt het even technisch. Niet saai technisch, maar wel belangrijk.
Elke student moet je aanmelden bij de RSZ via een Dimona-aangifte met type "STU". Dit moet gebeuren uiterlijk op de dag dat de student begint te werken. Te laat? Dan verlies je het recht op de solidariteitsbijdrage voor alle uren in die periode.
Wat vermeld je in de Dimona STU?
- Begin- en einddatum van de tewerkstelling
- Aantal geplande uren per kwartaal
- Type werknemer: STU
Belangrijk om te weten:
- Bij tewerkstelling over meerdere kwartalen: aparte aangifte per kwartaal
- Je kunt het aantal uren nog aanpassen tot de laatste dag van de maand volgend op het kwartaal
- Een laattijdige Dimona betekent dat je de volle RSZ-bijdragen betaalt
Die laatste is de pijnlijke. Veel werkgevers beseffen niet dat een dag te laat al het verschil maakt tussen 8,13% en ruim 38% sociale bijdragen.
Veel werkgevers onderschatten dit. Een laattijdige aangifte kost je letterlijk geld. Met Umeris Payroll worden de Dimona STU-aangiftes automatisch ingediend. Zo weet je zeker dat je binnen de termijn blijft en je het voordeel niet misloopt.
Wat als de student zijn 650 uren overschrijdt?
Hier zit de crux. Zodra een student meer dan 650 uren werkt in een kalenderjaar, betaal je voor alle extra uren de gewone RSZ-bijdragen.
Concreet:
- Uren 1-650: solidariteitsbijdrage (8,13% totaal)
- Uren 651 en verder: gewone RSZ (ongeveer 38% totaal voor werkgever + werknemer)
Let op: dit geldt per student, niet per werkgever. Werkt de student bij drie werkgevers en overschrijdt hij bij jou de grens, dan betaal jij de meerkosten.
Hoe voorkom je verrassingen?
- Vraag bij aanname een attest via Student@work
- Houd zelf bij hoeveel uren de student al gewerkt heeft
- Communiceer duidelijk met de student over zijn totale urentelling
In onze ervaring met duizenden studenten zien we dat dit laatste vaak misgaat. De student werkt bij vier verschillende werkgevers en niemand heeft het overzicht. Met payrollsoftware kun je de uren per student automatisch laten bijhouden. Zo krijg je een waarschuwing voordat iemand over de grens gaat.
Blijft de student ten laste van de ouders?
Een veelgestelde vraag, zowel van ouders als van studenten zelf. Het antwoord: dat hangt af van hoeveel de student verdient.
De regels voor 2026 (aanslagjaar 2027, inkomsten 2026):
Om fiscaal ten laste te blijven, mogen de nettobestaansmiddelen van de student niet hoger zijn dan bepaalde grenzen. Die grenzen hangen af van de gezinssituatie:
- 4.100 euro bij gehuwde of wettelijk samenwonende ouders
- 5.950 euro bij een alleenstaande ouder
- 7.570 euro bij een alleenstaande ouder en een gehandicapte student
Maar hier komt de vrijstelling:
De eerste 6.840 euro aan inkomsten uit studentenarbeid telt niet mee als bestaansmiddelen. Dit betekent dat een student tot 21.840 euro bruto per jaar kan verdienen en toch ten laste kan blijven, mits het grootste deel uit studentenarbeid komt.
Rekenvoorbeeld:
Een student verdient 15.000 euro bruto uit studentenarbeid.
- Bruto: 15.000 euro
- Min forfaitaire kostenaftrek (20%): 3.000 euro
- Netto: 12.000 euro
- Min vrijstelling studentenarbeid: 6.840 euro
- Nettobestaansmiddelen: 5.160 euro
Bij gehuwde ouders (grens 4.100 euro) is deze student niet meer ten laste. Bij een alleenstaande ouder (grens 5.950 euro) net wel.
De regels zijn complex en wijzigen regelmatig. Controleer altijd de actuele bedragen bij FOD Financien of vraag advies aan je boekhouder.
Werken tijdens de examenperiode
Geen wettelijk verbod, maar wel een aandachtspunt. Studenten mogen werken tijdens hun examenperiode. De werkgever kan hier echter niet zomaar op aandringen.
Praktisch:
- Maak duidelijke afspraken in het contract over werkdagen
- Respecteer dat studeren de hoofdactiviteit blijft
- Universiteiten bieden vaak faciliteiten aan voor werkstudenten (examenspreiding)
Als werkgever is het slim om flexibel te zijn rond examenperiodes. Een student die door jou een examen mist, is geen tevreden medewerker en komt waarschijnlijk niet terug.
Minimumleeftijd en beschermingsregels voor jonge werknemers
De minimumleeftijd voor studentenarbeid is 15 jaar, op voorwaarde dat de student niet meer voltijds leerplichtig is. In de praktijk betekent dit: 15 jaar en het tweede middelbaar gevolgd, of 16 jaar oud.
Extra regels voor studenten jonger dan 18:
- Maximum 8 uur per dag, 40 uur per week
- Geen nachtarbeid tussen 20u en 6u (met uitzonderingen voor horeca en evenementen)
- Verplichte rusttijd van 12 uur tussen twee werkdagen
- Geen gevaarlijk werk met machines, chemische stoffen of zware lasten
Deze regels gelden bovenop de normale arbeidswetgeving. Overtreden levert boetes op en kan de werkgever aansprakelijk maken bij ongevallen.
De proefperiode: automatisch 3 dagen
Bij een studentenovereenkomst gelden de eerste drie werkdagen automatisch als proefperiode. Dit is wettelijk bepaald en hoeft niet apart te worden overeengekomen (al moet het wel in het contract vermeld staan sinds 2022).
Wat betekent dit?
Tijdens de eerste drie werkdagen kunnen zowel werkgever als student de overeenkomst beëindigen. Geen opzegtermijn nodig. Geen vergoeding verschuldigd. Simpel.
Na de proefperiode gelden de normale opzegregels. Die hangen af van de duur van het contract en de anciënniteit.
Impact op groeipakket en kinderbijslag
Naast de fiscale gevolgen, is er nog een belangrijk punt: het groeipakket (de vroegere kinderbijslag). Werkt je student te veel, dan kan het groeipakket vervallen.
De regel voor 2026:
Een student behoudt het recht op groeipakket als hij niet meer dan 240 uren per kwartaal werkt. Let op: dit geldt per kwartaal, niet per jaar. De zomervakantie (juli, augustus, september) vormt een uitzondering: in die periode mag de student onbeperkt werken zonder het groeipakket te verliezen.
Concreet:
- Kwartaal 1 (jan-mrt): max 240 uren
- Kwartaal 2 (apr-jun): max 240 uren
- Kwartaal 3 (jul-sep): onbeperkt tijdens zomervakantie
- Kwartaal 4 (okt-dec): max 240 uren
Overschrijdt de student deze grenzen? Dan vervalt het groeipakket voor dat kwartaal. Dat kan een flink bedrag zijn, zeker bij meerdere kinderen in het gezin.
In onze ervaring met duizenden studenten zien we dat dit vaak over het hoofd wordt gezien. De ouders ontvangen plots geen kinderbijslag meer en snappen niet waarom. Check daarom niet alleen het 650 uren contingent, maar ook de kwartaallimieten.
Studentenarbeid in specifieke sectoren
De regels voor studentenarbeid gelden in principe voor alle sectoren. Maar er zijn nuances.
Horeca (PC 302):
In de horeca worden studenten veel ingezet, vooral in het weekend en tijdens vakantieperiodes. Nachtarbeid is hier onder voorwaarden toegestaan voor studenten van 16 jaar en ouder, tot 23u (en met toestemming van de ouders soms tot middernacht).
Retail (PC 201/202):
Winkels zetten vaak studenten in tijdens koopjesperiodes en zaterdagen. Let op de maximale arbeidsduur voor minderjarigen: 8 uur per dag, 40 uur per week.
Evenementen:
Festivals, beurzen en evenementen werken veel met studenten. De regels rond nachtarbeid zijn hier soepeler, maar je moet wel de juiste motieven opgeven in de Dimona-aangifte.
Bouw (PC 124):
In de bouwsector gelden strengere veiligheidsregels voor jonge werknemers. Bepaalde activiteiten zijn verboden voor minderjarigen, zoals werk op hoogte of met gevaarlijke machines.
De regels kunnen per paritair comité verschillen. Twijfel je? Raadpleeg de specifieke cao's van je sector of vraag advies aan je sociaal secretariaat.
Veelgestelde vragen
Mag een student werken bij meerdere werkgevers tegelijk?
Ja, dat mag. Maar het contingent van 650 uren geldt voor alle werkgevers samen. Elke werkgever moet apart een Dimona STU indienen.
Wat als ik vergeet de Dimona in te dienen?
Dan betaal je de gewone RSZ-bijdragen in plaats van de solidariteitsbijdrage. Dit geldt voor alle uren in de betreffende periode. Je kunt dit achteraf niet corrigeren.
Kan ik een student langer dan 650 uren laten werken?
Ja, maar de extra uren zijn niet meer aan het voordelige tarief. Je betaalt dan gewone RSZ-bijdragen. De student wordt voor die uren beschouwd als een gewone werknemer.
Krijgt een student vakantiegeld?
Ja, studenten bouwen vakantierechten op. Het vakantiegeld wordt meestal uitbetaald op het einde van de tewerkstelling, tenzij het contract doorloopt.
Moet ik een student een eindejaarspremie betalen?
Dat hangt af van je paritair comité. In sommige sectoren hebben studenten recht op een (pro rata) eindejaarspremie. Meer info vind je in ons artikel over eindejaarspremie voor studenten en flexi-jobbers.
Hoe zit het met ziekte van een student?
Bij ziekte gelden in principe dezelfde regels als voor gewone werknemers: gewaarborgd loon na de carensdag. Maar door de korte contracten is dit in de praktijk vaak niet van toepassing.
Kan een student in het buitenland werken met een Belgisch studentencontract?
Nee, een Belgisch studentencontract geldt enkel voor werk in België. Voor werk in het buitenland gelden andere regels, afhankelijk van het land.
Wat is het verschil tussen een jobstudent en een werkstudent?
Een jobstudent werkt met een studentenovereenkomst aan de solidariteitsbijdrage. Een werkstudent is iemand die werkt naast zijn studies, maar niet noodzakelijk met een studentencontract. Het onderscheid is belangrijk voor de sociale bijdragen.
Kort samengevat
Studentenarbeid in 2026 biedt werkgevers en studenten een win-win: lagere sociale bijdragen en een hoger nettoloon. Maar de regels zijn strikt. Overschrijd je de 650 uren, dien je de Dimona te laat in, of vergeet je een schriftelijk contract, dan betaal je de rekening.
De belangrijkste punten:
- Maximum 650 uren per kalenderjaar aan voordelig tarief
- Solidariteitsbijdrage: 5,42% werkgever + 2,71% student
- Dimona STU verplicht, uiterlijk op de eerste werkdag
- Studentencontract altijd schriftelijk met alle verplichte vermeldingen
- Automatische proefperiode van drie dagen
- Check het contingent via Student@work voordat je iemand aanneemt
Wil je meer weten over de verplichtingen bij studentenarbeid? Lees ons uitgebreide artikel over verplichtingen bij studentenarbeid.
Hoe Umeris Payroll je hierbij helpt
Flexi-jobbers of studenten correct verlonen is een administratieve klus. Tenzij je het uitbesteedt.
Met Umeris Payroll:
- Contracten in minder dan 60 seconden - Maak proef- en interimcontracten aan zonder gedoe
- Automatische loonberekening - Correcte verloning volgens de actuele wetgeving en je paritair comité
- Dimona en sociale documenten - Wij regelen alle aangiftes, jij focust op je business
- 24/7 persoonlijke support - Altijd een vaste contactpersoon die je bedrijf kent
- Geen vaste maandkosten - Betaal enkel voor wat je gebruikt
Probeer Umeris Payroll of neem contact op met onze HR-experts voor advies op maat.
De informatie in dit artikel is louter informatief en vervangt geen professioneel juridisch of boekhoudkundig advies. Arbeidswetgeving wijzigt regelmatig. Raadpleeg steeds de actuele wetgeving of neem contact op met een HR-expert voor advies op maat van jouw situatie. De genoemde bedragen en percentages zijn indicatief voor 2026 en kunnen wijzigen door indexering of wetswijzigingen.