
Verboden terbeschikkingstelling 2026: waar stopt payroll?
Laatste update: augustus 2026
Een van je ploegbazen legt de uren vast van een werknemer die niet op jouw payroll staat. Hij keurt zijn verlofdagen goed, hij spreekt hem aan wanneer een prestatie tegenvalt, hij zet hem op de planning zoals alle anderen. Op papier hoort die werknemer bij een dienstverlener. In de feiten stuur jij hem aan.
Die situatie heeft een naam in het Belgisch recht: verboden terbeschikkingstelling. Ze eindigt niet met een waarschuwing. Ze eindigt met een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur tussen die werknemer en jou, met terugwerkende kracht tot de eerste gepresteerde dag, plus hoofdelijke aansprakelijkheid voor alles wat niet betaald werd.
De grens is niet vanzelfsprekend. Je mag iemand zeggen wat hij moet doen. Je mag je niet gedragen als zijn werkgever. Tussen die twee loopt een lijn, getrokken door de wet van 24 juli 1987.
Kort samengevat: het uitlenen van personeel met overdracht van werkgeversgezag is verboden in België, behoudens wettelijke uitzonderingen. Het kanaal dat je gebruikt (payroll, uitzendarbeid, onderaanneming) beschermt je alleen als je je onthoudt van dagelijks werkgeversgezag. Doe je dat niet, dan word je met terugwerkende kracht de werkgever, en betaal je hoofdelijk mee.
Wat is verboden terbeschikkingstelling?
Verboden terbeschikkingstelling is het ter beschikking stellen van werknemers aan een derde die over hen een deel van het gezag uitoefent dat normaal aan de werkgever toekomt. FOD WASO vat het in één zin samen: personeel uitlenen met overdracht van werkgeversgezag is in België verboden, behalve in de gevallen die de wet voorziet (FOD WASO, geraadpleegd op 31 augustus 2026).
Drie elementen moeten samenvallen. Een werkgever neemt een werknemer in dienst. Hij stelt die ter beschikking van een derde. Die derde oefent over hem een deel van het werkgeversgezag uit. Zodra die drie voorwaarden buiten het wettelijke kader samenkomen, is de inbreuk een feit.
De benaming van je handelscontract beschermt niemand. Dienstverlening, onderaanneming, raamovereenkomst: de naam verhindert de herkwalificatie niet. De feiten tellen. De inspectie kijkt naar de realiteit op het terrein: waar de orders vandaan komen, wie afwezigheden goedkeurt, wie de evaluatie doet.
Het verbod wil het ondernemen niet moeilijk maken. Het richt zich op misbruiken door leveranciers van arbeidskrachten en op sociale dumping: zonder dat verbod zou een bedrijf goedkope werknemers kunnen huren en hen tegelijk als eigen personeel behandelen.
Waar stopt legale payroll?
Payroll stopt waar jij werkgeversgezag begint uit te oefenen. Zolang de operator de juridische werkgever blijft, contracteert, betaalt, de Dimona-aangifte (onmiddellijke aangifte van tewerkstelling) doet, verlof toekent en de tuchtbevoegdheid uitoefent, houdt de constructie stand. Zodra die handelingen naar jou verschuiven, beschermt het kanaal niet meer, hoe je contract ook heet.
Het onderscheid is concreter dan het lijkt: een erkende operator zegt niet wie bij jou de planning van maandagochtend schrijft.
Concreet: de operationele coördinatie is van jou. Jij zegt wat er moet gebeuren, waar, tegen wanneer, met welke kwaliteit. Jij organiseert de toegang tot de site en de veiligheid. Jij meldt de dienstverlener wat niet in orde is.
Wat niet van jou is, hoort bij het statuut van de werknemer: zijn contractuele uurrooster, zijn verlof, zijn evaluatie, zijn tucht, zijn loon. Daaraan raken is buiten het kader treden.
De vraag die je vóór de prijs moet beslechten, is dus die van de juridische structuur. Onze vergelijking tussen payroll en het uitzendbureau en de uitleg over de rol van een payroll intermediair tonen wie in elke formule de juridische werkgever blijft.
Wat zegt de wet van 24 juli 1987?
Artikel 31 legt het verbod vast: werknemers die je in dienst hebt ter beschikking stellen van derden die hen gebruiken en over hen enig deel van het werkgeversgezag uitoefenen, buiten de regels over tijdelijke arbeid en uitzendarbeid. Datzelfde artikel regelt de uitzonderingen en, vooral, drie gevolgen die tegelijk intreden.
Het handelscontract wordt nietig
De overeenkomst die het verbod schendt, is nietig vanaf het begin van de uitvoering van het werk. Je kunt je dus niet verschuilen achter je clausules over aansprakelijkheidsbeperking of opzegging: ze bestaan niet meer. Het contract dat je regel per regel hebt onderhandeld, is waardeloos op de dag dat de inbreuk wordt vastgesteld.
Je wordt werkgever, met terugwerkende kracht
De gebruiker en de werknemer worden geacht verbonden te zijn door een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, vanaf het begin van de uitvoering. Niet vanaf de vaststelling: vanaf de eerste gepresteerde dag. De werknemer zelf mag opzeggen zonder opzegtermijn of vergoeding, tot het oorspronkelijk voorziene einde van zijn terbeschikkingstelling. De uitgang staat voor hem open, voor jou niet. Wat jullie bindt, wordt een gewone arbeidsovereenkomst, met alles wat dat onderscheidt van payroll.
Je betaalt hoofdelijk mee
De gebruiker en degene die de werknemers ter beschikking stelde, staan samen in voor de betaling van de sociale bijdragen, de lonen, de vergoedingen en de voordelen. Hoofdelijk betekent dat de schuldeiser kiest bij wie hij het geheel opeist. In de praktijk vraagt hij het aan wie van de twee solvabel is. Is de dienstverlener intussen failliet, dan blijf jij over.
Welke instructies mag je geven?
De wet verbiedt je niet om met de werknemers van een dienstverlener te praten. Ze omkadert wat je hen zegt. Twee soorten instructies ontsnappen aan de kwalificatie van werkgeversgezag: die over de verplichtingen inzake welzijn op het werk, en de instructies die uitdrukkelijk voorzien zijn in een geschreven overeenkomst tussen jou en de werkgever.
Welzijnsinstructies mogen zonder formaliteit. Veiligheidsvoorschriften die bij jou gelden, beschermingsmiddelen, evacuatieprocedures: die mag je rechtstreeks geven, ze vormen geen uitoefening van werkgeversgezag.
De andere veronderstellen een geschrift. Het contract tussen jouw onderneming en de dienstverlener moet uitdrukkelijk vermelden welke instructies gegeven mogen worden. Die instructies mogen het gezag van de werkgever niet uithollen, en mogen niet verder gaan dan wat nodig is voor de goede uitvoering van het overeengekomen werk. De werkelijke uitoefening moet ten slotte overeenstemmen met wat er staat: een perfect contract dat in de dagelijkse praktijk wordt tegengesproken, beschermt je niet.
Er komt een formaliteit bij, en die duldt geen uitstel: je moet je ondernemingsraad onmiddellijk informeren over het bestaan van dat geschrift. Is er geen ondernemingsraad, dan gaat die informatie naar het comité voor preventie en bescherming op het werk, of naar de vakbondsafvaardiging. Hun vertegenwoordigers mogen een kopie van de betrokken bepalingen vragen.
Toegelaten instructies en aanwijzingen van werkgeversgezag
| Wat je mag doen | Wat doet kantelen naar werkgeversgezag |
|---|---|
| De veiligheids- en welzijnsvoorschriften geven die bij jou gelden | Zelf de uurroosters en het arbeidsregime vastleggen |
| Het verwachte resultaat, de termijn en de plaats van uitvoering preciseren | Verlofdagen toekennen of weigeren |
| De instructies geven die uitdrukkelijk in het geschreven contract staan | De werknemer sanctioneren of aanspreken op zijn gedrag |
| De dienstverlener melden dat een prestatie niet conform is | Beslissen over zijn evaluatie, promotie of premie |
| De toegang tot de site, de badges en het materiaal organiseren | Hem opnemen in je interne HR-processen zoals je eigen werknemers |
De rechterkolom bundelt aanwijzingen uit de controlepraktijk en de rechtspraak, geen limitatieve wettelijke lijst. Geen enkele aanwijzing volstaat op zich om de inbreuk vast te stellen: het is het geheel dat telt.
Wanneer is terbeschikkingstelling wel toegelaten?
De wet voorziet verschillende uitwegen. Uitzendarbeid is de eerste: die volgt eigen regels en veronderstelt een erkend bureau. Daarnaast zijn er de toegelaten terbeschikkingstelling van artikel 32, de werkgeversgroeperingen, de tewerkstellingstrajecten van de Gewesten en bepaalde afwijkingen eigen aan de openbare sector.
Artikel 32 en zijn drie voorwaarden
Artikel 32 opent een omkaderde afwijking met drie cumulatieve voorwaarden: alleen vaste werknemers mogen worden uitgeleend, de operatie mag niet de normale activiteit van de werkgever uitmaken, en de duur moet beperkt blijven. Wie specifiek werd aangeworven om ter beschikking te worden gesteld, valt dus buiten de regeling.
De procedure voegt twee sloten toe. De vakbondsafvaardiging van de gebruiker moet akkoord gaan; is er geen afvaardiging, dan is het akkoord vereist van de vakorganisaties die in het paritair comité vertegenwoordigd zijn. Pas daarna vraagt de werkgever de voorafgaande toelating aan het Toezicht op de Sociale Wetten van het ressort van de gebruiker.
De twee gevallen zonder toelating
Twee situaties ontsnappen aan de toelating, maar niet aan elke formaliteit: de samenwerking tussen ondernemingen van eenzelfde economische entiteit, en de kortstondige uitvoering van gespecialiseerde taken die een bijzondere beroepsbekwaamheid vereisen. Ze veronderstellen een kennisgeving aan de bevoegde ambtenaar, vierentwintig uur op voorhand.
In alle gevallen van artikel 32 legt een geschrift, ondertekend door de werkgever, de gebruiker en de werknemer, de voorwaarden en de duur vast vóór het begin van de terbeschikkingstelling. En de gebruiker wordt hoofdelijk aansprakelijk voor de lonen, bijdragen en voordelen, met de verplichting niet minder te betalen dan aan zijn eigen werknemers in een gelijkwaardige functie.
Wat riskeer je concreet?
Het risico is dubbel, burgerrechtelijk en strafrechtelijk. Het eerste verandert je handelsrelatie in een arbeidsrelatie en maakt je hoofdelijk schuldenaar. Het tweede stelt je bloot aan een geldboete uit het Sociaal Strafwetboek: terbeschikkingstelling hoort er bij de zwaarste inbreuken, in artikel 177. Het onderscheid tussen de twee niveaus is het waard om te kennen: de verboden terbeschikkingstelling zelf valt onder niveau 3, terwijl je op niveau 4 komt wanneer je de betrokken werknemer het minimumloon van de sector niet uitbetaalt (FOD WASO en Securex, geraadpleegd op 31 augustus 2026).
Het strafrechtelijke luik: het barema 2026
De bedragen wijzigden in korte tijd twee keer. De wet van 15 mei 2024 verdubbelde de boetes van niveau 3 op 1 juli 2024. Daarna ging de coëfficiënt van de opdeciemen van 8 naar 10 voor inbreuken gepleegd vanaf 1 februari 2026. Dit is wat dat vandaag geeft, bedragen na opdeciemen (SIOD, Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst, geraadpleegd op 31 augustus 2026).
| Niveau | Strafrechtelijke boete | Administratieve boete | Gevangenisstraf |
|---|---|---|---|
| Niveau 3 | 2.000 tot 20.000 € | 1.000 tot 10.000 € | geen |
| Niveau 4 | 6.000 tot 70.000 € | 3.000 tot 35.000 € | 6 maanden tot 3 jaar |
De boete wordt bovendien vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers wanneer het artikel dat uitdrukkelijk voorziet, tot maximaal honderd keer het maximum.
Sinds de wet van 19 december 2025, in werking sinds 1 februari 2026, komt daar een ondergrens bij: met een verzwarende factor zakt de boete niet onder de helft van het maximum, dus 35.000 € strafrechtelijk en 17.500 € administratief voor niveau 4 (FOD WASO voor de maatregel, Securex voor de becijfering, geraadpleegd op 31 augustus 2026).
Het burgerrechtelijke luik: de volledige berekening
Het burgerrechtelijke luik weegt vaak zwaarder, en het laat zich becijferen. Neem een werknemer die 8 maanden ter beschikking van jou stond, met een brutoloon van 2.800 € per maand.
- Brutoloon over de periode: 22.400 €
- Werkgeversbijdragen RSZ, aan ongeveer 25 % (indicatieve orde van grootte, het reële percentage hangt af van de verminderingen): 5.600 €
- Bedrag waarvoor je hoofdelijk kunt worden aangesproken: 28.000 €, geen automatische meerkost maar wat een schuldeiser integraal bij jou kan opeisen als de dienstverlener niet betaalt
- Strafrechtelijke boete niveau 3, ondergrens: 2.000 €, en die komt er in elk geval bovenop
- Maximale blootstelling: 30.000 € voor die ene werknemer
Daar komen nog het vakantiegeld en de eindejaarspremie bij, die eveneens geregulariseerd moeten worden. Die bedragen hangen af van het paritair comité, waardoor ze zich hier niet als één cijfer laten geven, maar ze zijn wel verschuldigd.
Lees die 28.000 € goed: het is geen factuur die automatisch bij jou belandt. Normaal heeft de dienstverlener die lonen en bijdragen al betaald. Hoofdelijkheid betekent dat een schuldeiser het volledige bedrag bij jou mag opeisen als hij het daar niet krijgt, bijvoorbeeld bij een faillissement. Het is dus een risico op de volle som, niet een meerkost van 28.000 € die je zeker draagt. De boete daarentegen komt er wel echt bij.
Tel daar tot slot de gevolgen bij van de arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur die je voortaan aan die werknemer bindt: opzegtermijn, anciënniteit te erkennen, sociale verplichtingen te regulariseren. Voor één werknemer, over acht maanden. Tien minuten het contract nalezen weegt daar niet tegen op.
Hoe herken je het risico bij jou?
Bepaalde aanwijzingen komen stelselmatig terug in controledossiers. Ze hangen minder af van het contract dan van de gewoontes op de werkvloer: wie de planning schrijft, wie antwoordt als de werknemer een verlofdag vraagt, wie in het organigram staat, aan wie de werknemer dagelijks rapporteert.
Herkenbaar? Leg je organisatie dan langs deze vijf vragen.
- Wie stelt het uurrooster op? Is dat je ploegbaas en niet de dienstverlener, dan is de eerste aanwijzing er al.
- Wie beheert de afwezigheden? Een verlofaanvraag die bij jou terechtkomt in plaats van bij de juridische werkgever, is een sterk signaal.
- Wie evalueert? Een evaluatiegesprek dat jij voert, krijg je voor een inspecteur niet meer rechtgetrokken.
- Wie sanctioneert? De tuchtbevoegdheid hoort bij de werkgever, nooit bij de gebruiker.
- Lijkt de werknemer op een lid van je personeel? Intern e-mailadres, vermelding in het organigram, deelname aan HR-vergaderingen: die elementen wegen.
Als meerdere van die antwoorden je ongemakkelijk maken, laat je constructie dan nakijken door een raadsman vóór een inspecteur dat doet. De controles vóór je een tijdelijke medewerker onthaalt volgen dezelfde logica, maar dan vooraf.
Zo maak je je constructie waterdicht in 5 stappen
Dit is het kernpunt: vijf handelingen volstaan. Het juiste juridische kanaal kiezen, het geschrift van artikel 31 opstellen, de sociale organen informeren, wie orders geeft opleiden, en de bewijzen bewaren. Geen van die stappen vraagt een groot budget. Ze vragen allemaal dat je ze vóór de controle doet, niet erna.
Stap 1. Bepaal welk kanaal je echt gebruikt. Uitzendarbeid, payroll via een erkende operator, resultaatsgerichte onderaanneming, terbeschikkingstelling van artikel 32: elke formule heeft haar voorwaarden. Twijfel je, dan zet onze vergelijking tussen uitzendarbeid, freelance en payrolling de basisverschillen op een rij.
Stap 2. Stel het geschrift van artikel 31 op. Som uitdrukkelijk op welke instructies je zult geven. Een algemeen geschrift zoals "de gebruiker geeft de nodige instructies" voldoet niet, want de wet eist dat de instructies uitdrukkelijk en gedetailleerd worden bepaald.
Stap 3. Informeer de ondernemingsraad. Of, als die er niet is, het comité voor preventie en bescherming op het werk of de vakbondsafvaardiging. Bewaar het bewijs van die informatie.
Stap 4. Leid op wie orders geeft. Het risico ontstaat bijna nooit op de juridische dienst. Het ontstaat op het terrein, bij een teamverantwoordelijke die overtuigd is dat hij goed doet door iedereen op dezelfde manier aan te sturen. Eén blad volstaat vaak.
Stap 5. Documenteer en archiveer. Geschreven contract, kennisgeving aan de sociale organen, eventuele toelatingen, planningen opgesteld door de dienstverlener: dat zijn je stukken als de inspectie langskomt. Ons overzicht van de verplichte sociale documenten vult de lijst aan.
Wat de werkgever moet onthouden
- Het verbod slaat op het gezag, niet op het uitlenen van personeel op zich. Je mag werken met de werknemers van een derde; je mag over hen geen werkgeversgezag uitoefenen buiten de wettelijke gevallen.
- Vijf bevoegdheden zijn niet van jou: contractueel uurrooster, verlof, evaluatie, tucht, loon. De operationele coördinatie is dat wel.
- Het geschrift bepaalt de instructies. Zonder contract dat uitdrukkelijk zegt welke, vallen je productie-instructies buiten het kader. Alleen welzijnsvoorschriften ontsnappen aan die eis.
- De burgerrechtelijke sanctie is automatisch en retroactief. Arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur vanaf de eerste gepresteerde dag, nietigheid van de handelsovereenkomst, hoofdelijke aansprakelijkheid voor lonen en bijdragen.
- De strafrechtelijke factuur steeg in 2026. Niveau 3 of 4 naargelang het geval, opdeciemen op coëfficiënt 10 sinds 1 februari 2026, boete vermenigvuldigbaar met het aantal betrokken werknemers.
Hoe Recruit je helpt
Zoek je flexibel personeel zonder per ongeluk de juridische werkgever te worden? Dat is precies wat Recruit voor je opvangt. Bij ons is de vraag bij de bron beslecht: de operator blijft de juridische werkgever, en het contract zegt dat zwart op wit.
Met Recruit:
- Duidelijk aangewezen juridische werkgever - Wij blijven de werkgever, jij houdt de operationele coördinatie
- Contracten in minder dan 60 seconden - Uitzend- en payrollcontracten automatisch gegenereerd
- Dimona en sociale documenten - Onmiddellijke aangifte van tewerkstelling en sociale documenten volledig beheerd
- Correcte loonberekening - Loon afgestemd op jouw paritair comité en de geldende wetgeving
- Persoonlijke support 24/7 - Een vast aanspreekpunt dat je dossier en je sector kent
Probeer Recruit of contacteer onze HR-experts voor advies op maat.
Veelgestelde vragen
Is payroll legaal in België?
Ja, wanneer het gebeurt binnen het wettelijke kader van de uitzendarbeid, via een erkende operator die de juridische werkgever van de werknemer blijft. Verboden is het uitlenen van personeel met overdracht van werkgeversgezag buiten de uitzonderingen van de wet van 24 juli 1987. De vorm telt minder dan de realiteit van het uitgeoefende gezag.
Mag ik de veiligheidsvoorschriften van mijn site geven?
Ja, zonder bijzondere formaliteit. Het naleven van de verplichtingen inzake welzijn op het werk die in jouw onderneming gelden, is geen uitoefening van werkgeversgezag. Je mag dus de beschermingsmiddelen, de toegangsprocedures en de evacuatievoorschriften opleggen die bij jou van kracht zijn.
Wat gebeurt er als de inspectie de inbreuk vaststelt?
De inspectie maakt een proces-verbaal op. Het vervolg hangt af van het parket: strafvervolging of overdracht aan de administratie voor een administratieve boete. Burgerrechtelijk werken de herkwalificatie in een overeenkomst van onbepaalde duur en de hoofdelijke aansprakelijkheid door, los van de gekozen strafrechtelijke weg.
Mag terbeschikkingstelling binnen een groep?
De samenwerking tussen ondernemingen van eenzelfde economische entiteit hoort bij de gevallen zonder voorafgaande toelating, mits kennisgeving aan de bevoegde ambtenaar vierentwintig uur op voorhand. Behoren tot dezelfde groep ontslaat je dus niet van de kennisgeving, noch van de andere voorwaarden van artikel 32.
Valt een uitzendkracht onder dit verbod?
Neen, uitzendarbeid heeft haar eigen wettelijke kader, met motieven voor het gebruik en regels over gelijke behandeling. Je oefent over de uitzendkracht een deel van het werkgeversgezag uit, en dat organiseert de wet uitdrukkelijk. Het aandachtspunt verschuift dan naar het naleven van de motieven en de duur.
Beschermt een goed opgesteld contract mij?
Niet op zich. De wet eist dat de werkelijke uitoefening van het instructierecht volledig overeenstemt met de uitdrukkelijke bepalingen van het contract. Een onberispelijk geschrift dat door de dagelijkse praktijk wordt tegengesproken, verhindert de herkwalificatie niet, want het zijn de feiten die onderzocht worden.
De informatie in dit artikel is louter informatief en vervangt geen professioneel juridisch advies. De arbeidswetgeving evolueert regelmatig. Raadpleeg altijd de geldende wetgeving of contacteer een HR-expert voor advies dat past bij jouw situatie.